Het zal je misschien verbazen, maar het onderwerp van je boek, je uitgever of je lezers zijn niet het probleem dat je boek niet verkoopt; jij bent het probleem. Nee, niet je hele persoon, maar je bovenkamer. Die zit namelijk zó vol met kennis over jouw vakgebied dat je bent vergeten hoe het voelt om die kennis níet te hebben. Dat klinkt misschien onschuldig, maar daar huist de grootste saboteur van je manuscript.
Na 36 boeken te hebben geschreven, waarvan 15 voor opdrachtgevers, durf ik te stellen dat dit het meest voorkomende probleem is bij aankomende non-fictie-auteurs. Niet een gebrek aan kennis of een gebrek aan schrijftalent, maar het onvermogen om je te verplaatsen in iemand die jouw vak niet kent. Steven Pinker, cognitief psycholoog aan Harvard, heeft daar een prachtige term voor bedacht: de Vloek van Kennis. Dat vraagt natuurlijk om verdere uitleg….
Lees verder

Wie heeft er tegenwoordig nog niet met ChatGPT gewerkt? Je geeft in een paar zinnen aan dat je een hoofdstuk over leiderschap wilt hebben en bingo, binnen een paar tellen krijg je een keurig geformuleerde tekst, zonder typo’s van achthonderd woorden op je scherm. Fantastisch, maar toch, als je het nog eens goed doorleest, klopt er iets niet. Er mist wat!
Je hebt al jaren ervaring in je vak en je krijgt regelmatig de suggestie: ‘Schrijf daar eens een boek over’. Je bromt wat instemmends, knikt beleefd, maar denkt ondertussen: ‘Ja, dag, wanneer moet ik dat dan doen?’
“Ik wil een boek van minstens 300 pagina’s. Anders nemen mensen me niet serieus.”
Je zit in een vergadering. De manager begint: “Jullie hebben dit kwartaal fantastisch werk geleverd. De cijfers zijn uitstekend, de klanten zijn tevreden, en het team functioneert prima.” Je glimlacht al. Tot je dat ene woordje hoort. “Maar…” En daar gaat je bonus.