Zelfpublicerende auteurs saboteren hun boek nog vóór het in de winkel ligt – en dat heeft niets met geld te maken.
Ik schrijf boeken voor ondernemers, bestuurders en levenskunstenaars. Vaak kom ik in gesprek met zelfpublicerende schrijvers die worstelen met de verkoop van hun boek. Meestal gaat het dan over de centen: “Ik heb geen marketingbudget”.
Dat is vreemd. Want de grootste fouten die ik zie, hebben zelden iets met geld te maken. Ze hebben alles te maken met hoe je denkt over je boek, je lezers en jezelf als auteur. Eerlijk is eerlijk, als je geen BN’er bent, dan moet je dubbel zo scherp zijn. De meeste valkuilen die ik als ghostwriter op het pad van ‘selfpubbers’ tegenkom zijn:

Je hebt maandenlang aan je boek gewerkt. Elke avond achter de computer, weekenden opgeofferd, vrienden afgewimpeld. Het manuscript ligt er eindelijk. Nu moet je het alleen nog gepubliceerd krijgen.
Als schrijver en ghostwriter van inmiddels 32 zakelijke non-fictieboeken en biografieën, ervaar ik dagelijks hoe Nederland dit vakgebied negeert. Terwijl romanschrijvers regelmatig op tv verschijnen en interviews geven, blijven non-fictie schrijvers zoals ik redelijk onzichtbaar. Vakbladen als Onze Taal en Schrijven Magazine besteden geen aandacht aan non-fictie. Nieuwsmedia reageren niet op verzoeken aandacht aan dit genre boeken te besteden via interviews of publiciteit. Zelfs de veel gelezen huis-aan-huis bladen laten het erbij zitten zoals ik pas van een collega hoorde. Enfin, een profeet wordt al eeuwen in zijn vaderstad niet geëerd.
De discussie over door AI-gegenereerde boeken vind ik niet zo interessant. In een bericht waarschuwt RTL Nieuws voor een ‘Wilde Westen’ van waardeloze e-boeken die de markt zouden overspoelen. Nee, aantallen worden niet genoemd. Als een pittige belegen-kaas-auteur – gerijpt door decennia ervaring – weet ik uit de praktijk hoe het echt zit.